Het gebied Wormer- en Jisperveld

Het ontstaan van het Wormer- en Jisperveld

De Drie Morgen is gelegen in Spijkerboor in het Wormer- en Jisperveld, tussen de plaatsen De Rijp, Purmerend en Wormerveer, en ligt ingesloten tussen de dijk van het Noordhollandsch Kanaal en het ruim 600 ha. grote bezit van Natuurmonumenten in dit gebied.

Van zout naar zoet, van laag naar hoog

Oorspronkelijk maakte het Wormer- en Jisperveld deel uit van een hoogveen, dat zich al zo’n drieduizend jaar voor het begin van de jaartelling uitstrekte over een groot deel van Waterland en de Zaanstreek. Eerder bestond de kuststreek van Noord Holland nog uit een door rivierarmen doorsneden waddenlandschap. Door duinvorming raakte dit steeds meer van de zee afgesneden en namen invloed en kracht van het zoute water af. Toevoer van rivierwater deed het gebied achter de duinen langzaam verzoeten. Dit maakte de ontwikkeling van brakwatermoerassen mogelijk, en hieruit ontstonden door verdergaande verzoeting ruim vijfduizend jaar geleden laagveenmoerassen. Door verlanding, het toenemende optreden van veenmossoorten en het verzurende effect dat deze hebben op hun omgeving, veranderde de begroeiing en vormde zich uiteindelijk hoogveen.

dedriemorgen

Hoogveenlichaam

De plantengroei in hoogvenen wordt gedomineerd door verschillende soorten veenmossen, welke zich bovenop hun eigen afgestorven resten ontwikkelen. Het door de begroeiing en de mosresten eronder als een spons vastgehouden regenwater, heeft — omdat het arm is aan zuurstof— op dit dode materiaal een sterk conserverende werking. Dit vergaat maar nauwelijks en hierdoor vormt zich uiteindelijk een ‘hoogveenlichaam’, dat tot vele meters boven de omgeving kan uitstijgen. Het in de loop van zo’n vierduizend jaar afgezette veenpakket is hier vermoedelijk drie à vier meter dik geweest. Ondanks dat latere overstromingen grote delen zouden wegslaan, zijn kernen ervan bewaard gebleven, zoals in het Wormer- en Jisperveld. Het venige karakter van de bodem is mede bepalend voor de huidige natuurwaarden van dit gebied.

De mens verschijnt

Menselijke bewoning bleef aanvankelijk beperkt tot hoger gelegen strandwallen langs de kust, en slechts voor jacht en visserij begaf men zich in het gevaarlijke veen. Vanaf de zesde tot de elfde eeuw — de Vroege Middeleeuwen— nam de bevolkingsdichtheid in de duinstreek toe, en vanaf de tiende eeuw was deze zo zeer gegroeid, dat de eerste ontginners op zoek naar akkergrond het Wormer- en Jisperveld binnentrokken. Het hoogveen werd bewoonbaar gemaakt door het met haaks op natuurlijke veenstromen gegraven sloten te ontwateren. Door uitdroging van het veenoppervlak werd de teelt van voedingsgewassen zoals boekweit, rogge en haver mogelijk, en van hop en gerst voor het brouwen van bier.

Verdronken hoogveen

Rond het jaar 1300 was de omvorming van hoogveen naar akkerland in het Wormer- en Jisperveld zo’n beetje voltooid. Kort na aanvang ervan was echter al ernstige wateroverlast ontstaan. Veroorzaakt door de ontwatering, was de bodem door inklinking van het veen gaan dalen. Allengs werden de lagere delen door vernatting onbruikbaar voor akkerbouw en kon hier alleen nog worden geweid en gehooid. Bovendien drong vanaf de Vroege Middeleeuwen de zee herhaaldelijk binnen, waardoor grote delen van het veen werden weggeslagen en er een ‘brakwaterveen’ of ‘verdronken hoogveen’ ontstond. Vanaf de twaalfde eeuw ging men over tot bedijking, en verplaatste zich de bewoning langzamerhand vanuit het midden van het gebied naar de dijken. Het nog steeds zichtbare middeleeuwse ontginningspatroon — lange, smalle percelen omgeven door sloten— en de lintbebouwing van bij voorbeeld Wormer en Jisp geven het gebied zijn huidige kenmerkende aanblik.

Opkomst en verval

Rond het jaar 1400 verschenen de eerste windmolens in het gebied. Deze verbeterden niet alleen de ontwatering, ook waren ze de krachtbron voor een bloeiperiode tijdens de zestiende en zeventiende eeuw. De dorpen Wormer en Jisp ontwikkelden zich tot vestigingsplaats van beschuitbakkerijen. Met de groei van de handelsvaart op de Oostzee, en de opkomst van de walvisvaart en de Verenigde Oostindische - en Westindische Compagnie, was er grote vraag ontstaan naar ‘tweeback’. Alleen al in Wormer stonden acht graanmolens, en er waren meer dan 150 bakkerijen bezig met het bakken van beschuit. De verdiensten werden geïnvesteerd in andere bedrijfsactiviteiten. Zo bouwde men onder meer olie-, pel- en papiermolens, hout- en steenzagerijen, en traankokerijen waar walvisvlees werd uitgekookt. Concurrentie vanuit met name de Zaanstreek, en overstromingen tijdens de achttiende eeuw deden dit hoogtij keren. Wat het eerste industriegebied van ons land was geweest raakte in verval, de bedrijvigheid verdween, en wat overbleef was het weidelandschap zoals we dat nu kennen.

dedriemorgen  dedriemorgen  dedriemorgen

News

De Drie Morgen TE KOOP

24.03.2014   

Topvlees uit natuurgebied

08.07.2013   

De Drie Morgen en Prime Meat in "De Telegraaf"

13.05.2013   

De Drie Morgen in film "Alles voor de Grutto"

25.03.2013   

"Het vlees is voor de rijken en die blijven er altijd. Crisis of geen crisis."

22.10.2012